Pensioen bij overlijden

Wat gebeurt er bij overlijden met uw pensioen. Wat de nabestaanden krijgen is mede afhankelijk van het tijdstip van overlijden.

• Vòòr pensioendatum
• Na pensioendatum

Overlijden vóór de pensioendatum

Het pensioen voor uw nabestaanden is vaak minder dan u denkt. Het is meestal 70% van uw bereikbare ouderdomspensioen. Is uw partner 65 jaar, dan krijgt zij of hij ook AOW. Het is nog maar de vraag of de nabestaande bovenop het partnerpensioen nog een (volledige) Anw-uitkering krijgt van de overheid. Die kans is niet groot. Lang niet elke pensioenregeling kent een voorziening om het gemis aan Anw te compenseren. Het is dus belangrijk om goed te kijken wat uw partner krijgt als u komt te overlijden. Dat geldt zeker omdat tegenwoordig in veel pensioenregelingen het partnerpensioen 'op risicobasis' is verzekerd. Zo’n pensioen vervalt bij ontslag. Bij wisseling van baan heeft u dan altijd een tekort aan partnerpensioen. Tenzij u bij uw ontslag een deel van het ouderdomspensioen heeft omgeruild in partnerpensioen.


Korting op nabestaandenpensioen bij leeftijdsverschil


Tenslotte kennen veel pensioenregelingen een korting op het partnerpensioen als u en uw partner meer dan 10 jaar in leeftijd verschillen. Die korting bedraagt vaak 2,5% voor elk jaar dat het leeftijdsverschil groter is dan 10 jaar. Tegen deze korting wordt overigens vaak bezwaar gemaakt, omdat sprake zou zijn van ongelijke behandeling tussen vooral mannen en vrouwen. De jongere partner is immers vaak een vrouw. Meer dan eens heeft de Commissie Gelijke Behandeling de korting op de uitkering aangemerkt als ongeoorloofde ongelijke behandeling.


Overlijden na pensioendatum

Bijna alle pensioenregelingen bepalen dat u vóór de pensioendatum moet zijn getrouwd, geregistreerd of moet samenwonen. Wanneer u pas na uw pensionering trouwt of gaat samenwonen, heeft uw partner gewoonlijk geen recht op een uitkering na uw overlijden.
Tegenwoordig is in veel pensioenregelingen het partnerpensioenpensioen 'op risicobasis' verzekerd. Dan is er bij overlijden na de pensioendatum geen uitkering voor de partner. Pensioenregelingen bieden daarom de mogelijkheid om op de pensioendatum een deel van het ouderdomspensioen in te ruilen voor een partnerpensioen, zodat er na overlijden dus wel een uitkering voor de partner is. Deze uitkering is echter lager dan het partnerpensioen dat de partner zou hebben gekregen bij overlijden vóór de pensioendatum. Het ouderdomspensioen wordt immers verlaagd door de ruil. Het partnerpensioen is 70% van dat lagere ouderdomspensioen.

Is er in de pensioenregeling partnerpensioen opgebouwd (recent of in het verleden), dan blijft dat bij pensionering behouden. Het is belangrijk na te gaan hoeveel dat is en of het voldoende is om van te leven. U kunt het opgebouwde partnerpensioen inruilen voor een hoger of eerder ingaand ouderdomspensioen. Dat kun u bijvoorbeeld doen als u geen partner (meer) heeft, of als uw partner in haar of zijn eigen inkomen kan voorzien. Let wel: als u het partnerpensioen inruilt, is er na uw overlijden geen uitkering voor uw partner. Zij (of hij) moet daar dus mee instemmen.

Hoe dan ook, in veel gevallen kan het partnerpensioen behoorlijk tegenvallen. Hoe dat in uw situatie is, kan een van onze adviseurs met u doornemen.


Mocht u vragen hebben, onze adviseurs staan u graag te woord.

Lelystad:  0320 - 215 350

Soest:  035 - 603 45 00


Of vul dit formulier in met uw vraag.